“Mijn vrouw, mijn kinderen. Ik heb ze allemaal weggeduwd. Alles wat ik nu wil is hen omhelzen.
Zie hoe ik nu ben, ik verdrink in mijn eigen leven.
Uiteindelijk besta ik toch niet helemaal, weet u. Ik heb nooit bestaan. Ik ben niets meer dan de som van degenen van wie ik heb gehouden, de dingen die ik heb gekoesterd, alles wat ik heb gezien en gehoord, alles wat me heeft gepassioneerd en waaraan ik nu nog slechts aan kan terugdenken. Zonder hen besta ik niet."